De overheid vraagt burgers steeds meer zelfredzaam te zijn. Het is de bedoeling dat zij minder gebruik maken van algemene voorzieningen en het eigen netwerk inzetten om volwaardig deel te nemen. Werk is bij uitstek het middel om dat te bereiken, zo is de achterliggende gedachte van de Participatiewet. Maar biedt deze wel echt meer kansen voor mensen met een beperking? Is het een wassen neus of oude wijn in nieuwe zakken? Onder onze geïnterviewden zijn de meningen hierover verdeeld. We zetten de feiten, kansen en bedreigingen voor u op een rijtje en nemen u graag mee in onze gedachtegang over deze ontwikkeling.

Grote veranderingen

De Participatiewet die per 1 januari 2015 van kracht wordt, brengt een aantal belangrijke veranderingen met zich mee:
- Mensen met een arbeidsbeperking kunnen niet meer instromen in de Wsw (Wet sociale werkvoorziening). In plaats hiervan moeten gemeenten zorgen voor 30.000 plaatsen beschut werk. Dat komt overeen met ongeveer 30% van het huidige aantal plaatsen in de sociale werkvoorziening.

- Gemeenten krijgen de mogelijkheid om mensen met een uitkering een tegenpresentatie te vragen, wat kan variëren van werkzaamheden op een kinderboerderij tot leerlingenvervoer of wijkwacht. Deze mogelijkheid brengt het risico met zich mee dat de tegenprestatie gaat concurreren met betaald werk

- Mensen met een Wajong-uitkering worden herkeurd, waarbij alleen degenen die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn hun uitkering behouden. De verwachting is dat ongeveer driekwart (gedeeltelijk) wordt goedgekeurd, waarna hun uitkering zal dalen van 75% naar 70% van het wettelijk minimumloon.

- De overheid en het bedrijfsleven moeten de komende tien jaar 125.000 banen creëren voor mensen met een beperking die een afstand hebben tot de arbeidsmarkt. Wanneer overheid en bedrijven hier niet aan voldoen, wordt een wettelijk quotum opgelegd.

Uitdagende context

De invoering van de Participatiewet biedt geen garantie dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ook daadwerkelijk aan het werk kunnen. In deze tijd van economische crisis en bezuinigingen, onder andere in de zorg, verliezen nog steeds grote groepen reguliere werknemers hun baan. Hoe kunnen we dan juist meer banen gaan creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt? Nog meer reguliere werknemers ontslaan, zodat mensen met een beperking hun baan kunnen overnemen? Een slechte oplossing die de integratie op de werkvloer zeker niet positief zal beïnvloeden.

Positieve ontwikkelingen

Brengt de invoering van de Participatiewet dan alleen meer kommer en kwel? Is het enkel een extra belasting voor werkgevers? Zeker niet! Steeds meer werkgevers zien de kansen van deze ontwikkeling  en willen een verschil maken. Een aantal hiervan heeft zich aangesloten bij ‘De Normaalste Zaak’. Dit netwerk voor inclusief ondernemen vindt dat iedereen, naar vermogen, moet kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt. Om werkgevers te ondersteunen heeft ‘De Normaalste Zaak’ checklists gemaakt, waarmee een ondernemer kan zorgen voor een duurzame werkplek, zowel op fysiek als sociaal vlak. Want we weten inmiddels dat je er niet bent met alleen een aangepaste werkplek. Sociale toegankelijkheid speelt een veel belangrijkere rol. De toekomstige collega’s van de medewerker met een beperking moeten weten wat er van hen verwacht wordt én wat zij van hun nieuwe collega mogen verwachten. Door iedereen mee te nemen in dit proces, zorg je voor een geslaagde integratie op de werkvloer. Een andere positieve ontwikkeling is het ontstaan van sociale ondernemingen, die voor een belangrijk deel werken met mensen met een beperking en een grote afstand tot de arbeidsmarkt. In deze organisaties staan eigen verantwoordelijkheid en kwaliteiten van de medewerker centraal. Deze voelt zich gewaardeerd en krijgt de kans zich te ontwikkelen. Veel van deze ondernemingen zijn succesvol, toegankelijkhei d en arbei d - Inleiding 42 hoewel een deel nog erg afhankelijk is van subsidies. Het is dan ook van belang dat deze medewerkers vervolgens doorstromen naar reguliere (ongesubsidieerde) banen.

Diverse drempels

Het vinden van een passende baan is moeilijk. Hoewel steeds meer organisaties open staan voor mensen met een beperking, is niet altijd duidelijk welke bedrijven aangepast zijn of zich kunnen aanpassen voor de werkzoekende met een beperking. Dit maakt het voor de Werkbedrijven, die vanaf 2015 de partijen moeten samenbrengen, lastig om de juiste match te maken. Voor de toekomstige werknemers met een beperking en/of afstand tot de arbeidsmarkt ligt er eenzelfde vraag. Op het gebied van arbeid zijn zij jarenlang aangesproken op hun beperking en op hetgeen ze níet kunnen. Op  basis van deze gronden kregen zij hun uitkering. Nu moeten zij gaan denken vanuit hun mogelijkheden en kwaliteiten. Dat ze daarover beschikken, leidt geen twijfel. De grote vraag is hoe we die kwaliteiten boven tafel krijgen. Het UWV kan hierin zeker een rol spelen, maar zal dan wel een omslag moeten maken. Van slechts een kleine groep arbeidsbeperkten is bij het UWV bekend wat zij kunnen en willen en waar hun behoeftes liggen. Dit was in het verleden voor het UWV niet interessant, aangezien de mensen een uitkering kregen en vervolgens uit beeld verdwenen. Anderzijds probeerden veel arbeidsbeperkten zelf onzichtbaar te blijven. Zolang ze geen contact hadden met het UWV bleef  alles bij het oude.

Werken aan participatie

Duidelijk is dat beide partijen actiever op de mogelijkheden moeten focussen. Die positieve stimulans vanuit de Participatiewet moeten we vasthouden. Daar zijn de geïnterviewden het wel over eens. Werkgevers en werknemers kunnen elkaar hierin zeker inspireren. De Normaalste Zaak neemt landelijk de taak voor deze eerste doelgroep voor haar rekening, maar ook op regionaal en lokaal niveau moet hier meer aandacht voor komen. Dat kan wel even wennen zijn, zoals de praktijk laat zien.Medewerkers van sociale werkplaatsen die geplaatst werden bij reguliere bedrijven vonden dat in eerste instantie doodeng, maar voelen zich uiteindelijk veel gelukkiger. Bij de sociale werkplaats zaten ze omdat ze een beperking hadden, terwijl ze nu ergens werken vanwege hun kwaliteiten.

Netwerk vergroten

Mensen met een beperking op de arbeidsmarkt: het moet de normaalste zaak van de wereld worden. Alleen al omdat een betaalde baan de mogelijkheden biedt om je sociale netwerk uit te breiden en beter voor jezelf te zorgen. Van niets naar een betaalde baan kan echter een te grote stap zijn.  Daarom moeten we andere mogelijkheden, zoals vrijwilligerswerk, niet uit het oog verliezen. Hier past
tevens de kanttekening dat tegenwoordig steeds meer banen via informele kanalen worden gevonden. En daar heb je dus een sterk sociaal netwerk voor nodig. Iets waar mensen die jarenlang een beroep hebben gedaan op een uitkering vaak niet over beschikken. Door in te zetten op uitbreiding van dat netwerk, kunnen we hun kansen op werk vergroten. Daar zien wij een rol voor alle betrokken organisaties, om in het verlengde van de Participatiewet de daad bij het woord te voegen.