Vrije tijd voor iedereen

Vrije tijd is een breed begrip. De een heeft er wat meer van dan de ander én we vullen hem allemaal op een andere manier in, maar iedereen heeft behoefte aan de sociale participatie. Sporten, uit eten of op vakantie gaan. Genieten van cultuur, natuur of een mooie stadswandeling. Dingen doen die je leuk vindt. Het is een goede manier om je te ontspannen, inspiratie en energie op te doen, tijd met elkaar door te brengen en nieuwe mensen te ontmoeten. Dat geldt ook voor mensen met een beperking. Daarom is het belangrijk dat alle voorzieningen voor iedereen toegankelijk zijn, dan kunnen ze participeren in het het dagelijkse leven.

Uit recent Europees onderzoek naar toegankelijk toerisme (zie voorwoord) is gebleken dat hier nog een wereld te winnen is. De vraag naar toegankelijke voorzieningen is veel groter dan het huidige aanbod en blijft alleen maar groeien.
Voor Zet geen verrassende conclusie, eerder een goede aanleiding om dit trendboek te wijden aan de inzichten en ontwikkelingen rond toegankelijkheid en vrije tijd (sociale participatie). Vanuit Europees perspectief zoomen we in op de ontwikkelingen in Nederland. Waar staan wij ten opzichte van de ons omliggende landen? Wat doen we goed en wat kunnen en moeten we nog verbeteren? En hoe kijken de  Brabantse ondernemers en ervaringsdeskundigen naar de toegankelijkheid in onze provincie?

Een groeimarkt

De recreatieve sector is een economische factor van belang. In Europa zijn 3,4 miljoen bedrijven actief in de toeristische sector en zo’n 10% van de beroepsbevolking verdient er zijn boterham. De toeristische markt richt zich vooral op vitale, gezonde consumenten, die zonder belemmeringen kunnen deelnemen aan het brede aanbod van recreatieve activiteiten. Mensen met een beperking gelden doorgaans niet als een interessante doelgroep. Ten onrechte. De impact van een geslaagde vakantie is veel groter voor mensen met een beperking en die hebben daar ook wat voor over. Even stoom van de ketel; verandering van omgeving, afleiding en nieuwe contacten. Daardoor kun je er weer tegen, ben je eerder hersteld.

Nederland telt minimaal 2,3 miljoen mensen met een beperking (zie kader, pagina 10). Dat zijn mensen, die ondanks hun bril of gehoorapparaat moeite hebben met horen en zien; mensen met een verstandelijke beperking en mensen die slecht ter been zijn. Tweederde daarvan behoort tot de groeiende groep ouderen, die met het klimmen der jaren te maken krijgt met beperkingen. Dat zijn mensen met tijd (ook buiten het toeristische seizoen) en geld (ouderen vormen de meest kapitaalkrachtige leeftijdscategorie). Het gaat om mensen die vertier zoeken, die willen reizen. Deze mensen wensen evenwel ook comfort en de zekerheid dat rekening wordt gehouden met hun behoefte aan speciale voorzieningen. Een interessante groeimarkt voor ondernemers.

Een kwestie van gastheerschap

Bij toegankelijk toerisme denk je al gauw aan rolstoelen, invalidentoiletten en trapliften. Voor betere participatie is het scala aan voorzieningen is veel breder. Denk aan duidelijke markeringen voor slechtzienden, een bak water voor de hulphond of de ringleiding in het theater. Het kan gaan om kleine investeringen, die toch veel betekenen voor de gasten. Vaak zijn het niet de fysieke ingrepen die het verschil maken, maar de bejegening. Personeel dat even de tijd neemt, dat luistert naar je wensen en daar adequaat op inspeelt. Uiteindelijk is het een kwestie van gastvrijheid, van maatwerk en kwaliteit. Dat is wat iedere klant wil.

Vrijetijdsbesteding in Nederland

Een overzicht van de vrijetijdsbesteding in Nederland. Met daarin bezoekersaantallen, omzet- en werkgelegenheidscijfers

Een overzicht van de vrijetijdsbesteding in Nederland. Met daarin bezoekersaantallen, omzet- en werkgelegenheidscijfers.

Musea

In 2013: 799 musea met 26.484.000 bezoekers en werkgelegenheid voor 12.000 mensen.
Bron: CBS

Podiumkunsten

In 2013: 302 podiumorganisaties met 17.685.000 bezoekers. Jaaromzet € 778 miljoen en werkgelegenheid voor 20.000 mensen.
Bron: CBS

Sportbeoefening

In 2012: 28.780 sportclubs met 5.554.540 leden en werkgelegenheid voor 12.000 werknemers.
Bron: CBS

Cultuurevenementen en festivals

In 2014: 801 festivals met in totaal 22,7 miljoen bezoeken. Bestedingen bezoekers: € 447 miljoen.
Bron: vereniging voor evenementenmakers VVEM

Dagattracties

In 2012: 38 miljoen bezoeken aan pretparken, dierentuinen en andere dagattracties.
Bron: NBTC

Vakanties

Binnenlands toerisme
17,2 miljoen Nederlanders naar binnenlandse bestemmingen:

Watersportgebieden 14%; Noordzeekust 13%; Veluwe 11%. West- en Midden-Brabant (10%) populair bij korte vakanties; regio Oost-Brabant, Noord-Limburg en het Rijk van Nijmegen (9%) bij lange vakantie.

Inkomend toerisme

14 miljoen buitenlandse toeristen (met name uit Duitsland, België en VS; sterke stijging Brazilië en  China).

Belangrijkste bestemmingen: Amsterdam 36%; kust 14%; bos- en heidegebieden Zuid-Nederland 12,5%.
Bron: NBTC, 2014

Economisch belang toeristische sector 2014

606.000 banen (6,2% werkgelegenheid).

Bestedingen binnenlands toerisme: € 42,1 miljard.

Bestedingen inkomend toerisme: € 16,3 miljard.

Bron: CBS, 2015

Wereldwijde concurrentie

We leven in een tijd van mondialisering. Wereldwijd zijn er meer dan een miljard mensen met beperkingen. Een niet te verwaarlozen deel daarvan heeft de middelen en de wens om te reizen en wat van de wereld te zien. Waar spenderen de Japanse senioren hun yens? Waar laten Russische ouderen hun roebels rollen? Gaan ze naar Europa, internationaal met afstand de belangrijkste toeristische bestemming? Of kiezen ze voor de VS, waar ze dankzij de Americans with Disabilities Act (1990) zeker zijn van toegankelijke voorzieningen en diensten? Ook binnen Europa maakt het verschil waar je heen gaat. In landen als Spanje of Italië, waar de toeristische sector van oudsher flink bijdraagt aan het nationale inkomen, is toegankelijkheid vanzelfsprekend aan het worden. In  kleinere landen, die minder op het toerisme zijn aangewezen ligt dat anders. Ook Nederland loopt niet bepaald voorop.

Tijd voor beleid

Toegankelijk toerisme als succesverhaal, dat is vrijwel altijd de vrucht van privaat-publieke samenwerking. Zoals ook blijkt uit projecten waar Zet recent bij betrokken was in de Brabantse Kempen en de regio Breda. De provincie stelt middelen en onze ondersteuning beschikbaar en ondernemers en organisaties maken samen werk van een toegankelijk aanbod.

De motivatie is vrijwel altijd een mix van maatschappelijke betrokkenheid en welbegrepen eigenbelang. In Nederland was aangepaste recreatie altijd een nichemarkt, met gespecialiseerde reisorganisaties en groepsaccommodaties, vaak afkomstig uit de zorgsector en bekostigd dankzij de AWBZ. Een categorale wereld, geheel gescheiden van de reguliere toeristische markt. Door de veranderingen in bekostiging van de zorg vallen deze scheidslijnen weg. Dat biedt kansen voor de reguliere vrijetijdsmarkt, die daar vooralsnog niet sterk op inspeelt.

Tijd voor een actief stimuleringsbeleid.

Maar wie neemt daarbij het voortouw?

Nederland kent geen minister van Gelijke Kansen, zoals bijvoorbeeld onze zuiderburen. De bal ligt bij de lagere overheden. Bij de provincie bijvoorbeeld. In het bestuursakkoord spreekt de nieuwe Brabantse coalitie zich onder meer uit voor stimulering van de vrijetijdseconomie en een aantrekkelijk cultuur- en sportaanbod. Ook heeft de provincie uitgesproken ambities ten aanzien van innovatie en toegankelijkheid. Dat biedt aanknopingspunten. Het initiatief ligt zeker ook bij de gemeenten en bij regionale samenwerkingsverbanden als de Brabantse streekhuizen.

De verwachting is dat eind 2015/begin 2016 het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking door Nederland geratificeerd wordt. Daarmee krijgen we als samenleving (overheden, ondernemers, onderwijsinstellingen, woningcorporaties en alle burgers) de verantwoordelijkheid om er voor te zorgen dat iedereen mee kan doen (zie kader). Dat kan en moet een stimulans zijn om ook toegankelijk toerisme te bevorderen.

Laat u inspireren door de verhalen uit het veld en overtuigen door de cijfers om met toegankelijkheid aan de slag te gaan.

2,3 miljoen Nederlanders met een beperking

Mobiliteitsbeperkingen: 1.400.000 (waarvan 225-250.000 rolstoelafhankelijk)

Visusbeperking (beperkt zicht ondanks gebruik van bril of lenzen): 1.000.000

Auditieve beperking (beperkt gehoor ondanks gebruik hoortoestel): 575.000

Verstandelijke beperking (lichte IQ<70 en zware IQ<50): 142.000

Het aantal Nederlanders met een beperking wordt in totaal geschat op 2,3 miljoen (na correctie voor overlap)*.

Bron: factsheet 2011 Sociaal en Cultureel Planbureau

* Het SCP geeft geen cijfers voor het aantal mensen met een psychiatrische beperking of dementie. Ook doelgroepen om rekening mee te houden als het gaat om sociale toegankelijkheid. Andere bronnen spreken van 216.000 (Deslespaul e.a.: Tijdschrift voor Psychiatrie 55, 2013) respectievelijk 260.000 Nederlanders (Alzheimer Nederland, 2014). De mate van overlap met andere categorieën is niet bekend.