flyer hoe benut je maatschappelijke energie

“Je hoort vaak dat ‘er veel veranderingen op ons afkomen’. Maar die veranderingen maken we zelf. Het zijn ménsen die initiatieven nemen om vanuit hun eigen zorg, pijn of passie een maatschappelijk vraagstuk op te pakken.” Dat geldt meer dan ooit, vindt Zetadviseur Suzanne Kemmeren (foto, rechts): de beweging komt steeds vaker vanuit de samenleving zelf. “Overheden moeten daar dan wat mee”, vult collega Marisca Boer aan. “De meeste gemeenten willen dat ook wel, maar vinden het nog best lastig om die ommezwaai te maken. Ook de provincie wil die maatschappelijke energie benutten en daar verbinding mee maken. Maar hoe doe je dat? Wij hebben daar wel ideeën over.”

HET HANGT IN DE LUCHT

Volgens transitiedeskundige Jan Rotmans lopen oude verticale instituties op hun laatste benen, terwijl nieuwe, horizontale verbanden aan belang winnen. Dat heeft niet alleen te maken met de decentralisaties van de laatste jaren; volgens Boer hangt het ook duidelijk in de lucht. “Tilburg heeft onlangs zijn nieuwe omgevingsvisie opgesteld. Vooruitlopend op de nieuwe Omgevingswet, in 2018, is daar ook het betrekken van burgers in meegenomen. Volgens mij zouden ze dat ook gedaan hebben als die nieuwe wet er niet zou komen. Gewoon omdat de tijdgeest er een is van inbreng uit de samenleving. Je ziet het overal om je heen.”

ANDERS SAMENWERKEN

Boer: “Ons punt is dat je in die veranderende context samenwerken anders zult moeten  vormgeven. Omdat mensen zich vandaag  de dag anders organiseren, dingen anders zien, een andere rol pakken. Dat vraagt om een netwerkende aanpak. Naast de ‘klassieke’ vormen van beleidsparticipatie waarbij structuren, systemen en procedures kenmerkend zijn. “Zo is bij grote meerjarenprogramma’s de stip op de horizon al met primaire stakeholders gezet en liggen de kaders en procedures vast. De overheid legt dan vanuit haar regierol burgers een aantal scenario’s voor waar ze over kunnen meedenken.” Dat is volgens Boer iets heel anders dan wanneer mensen vanuit hun ambitie een initiatief nemen, zoals ook de bedoeling is van de nieuwe Omgevingswet. Daar past een andere rol en houding van de overheid bij.

MEERVOUDIG ORGANISEREN

“Je ziet het nu al bij ontwikkelingen rond zorg, energie en leefbaarheid”, vindt Boer. “Die beginnen meestal bij een droom, die je met anderen blijkt te delen. Dat gaat om héél andere energie. Dan wordt het meer een samenspel en ben je als overheid deelnemer, net als de andere partijen. Weliswaar een bijzondere, omdat je randvoorwaarden kunt scheppen en het proces kunt faciliteren en stimuleren. De boodschap is helder: het speelveld van participatie verandert. De afweging welke werkvorm in welke situatie past, wordt steeds belangrijker. Dat vraagt om meervoudig organiseren, zoals de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur het noemt. Dat heeft consequenties voor de overheid én voor andere spelers die een vaste positie hadden veroverd.  

Flyer Echter innovatie laat zich niet afdwingen, die is vaak al gaande

DE JUISTE MÉNSEN

Kemmeren: “Je moet met meerdere strategieën overweg kunnen en als het nodig is ook nieuwe spelers inbrengen. Voorbij de usual suspects kijken, want als je alleen vraagt wie je kent, weet je vantevoren wat je krijgt. Bovendien, als je alleen kiest voor spelers met hetzelfde belang, kom je die andere belangen later alsnog tegen. Ga die dialoog vooral vroegtijdig aan.” Omdat het zo belangrijk is wie je bij een initiatief betrekt, heeft Kemmeren het liever niet over burgers en partijen, maar over mensen die iets met elkaar willen. “Dáár zit de energie. Dat de bekende vier O’s aanschuiven, zegt op zich niets. Het zijn de ménsen aan tafel die het verschil kunnen maken.” Haar appèl: als je écht beweging wilt, zet dan wel mensen in die écht iets willen. Niet alleen de functie of je mandaat is bepalend, maar of je energie hebt op het thema. Meebeslissen is nog niet meedóen, je hebt beide nodig. Vervolgens gaat het er om hoe je beweging creëert en de mensen aanspreekt.”

EERST DE BEWEGING, DAN DE STRUCTUUR

Natuurlijk moet je eerst het doel bepalen met je team. Op zoek naar die gedeelde droom, die lonkende stip op de horizon. "Als die eenmaal is ingekleurd, wordt het spannend", zegt Boer. “Hoe zet je de energie om in georganiseerde beweging? Dan wordt vaak meteen weer een hele structuur opgetuigd, met de bekende stuurgroep, klankbordgroep en werkgroep. Als we het maar goed gestructureerd hebben, is het idee, komt het met die beweging wel in orde... Maar die aanname geldt voor veel vraagstukken gewoon niet meer. Initiatieven uit de samenleving hebben elk hun eigen dynamiek qua tijdspad, partners en proces. Vanuit die dynamiek ga je samen bekijken hoe je het doel kunt bereiken, welke organisatievorm daar bij past.”

VAN ENERGIE NAAR SLAGKRACHT

Voor Kemmeren is het glashelder: als je start bij initiatieven waarop energie zit, vinden mensen elkaar en verandert een informele ontmoeting langzaam maar zeker in een beweging met slagkracht. Dan moet je wel oppassen dat die energie niet wegvloeit. Een kwestie van stappen verankeren, zorgen dat de bal niet terugrolt. Boer: “Ik denk dat wij als procescoach de juiste vragen kunnen stellen om de beweging op gang te brengen én te houden. Daarvoor moet je soms creatief zijn en over een breed repertoire beschikken, om op het juiste moment de juiste interventie te plegen. Of juist niet. Waar krachten al in beweging zijn, moet je het vooral niet willen overnemen. Coachen, begeleiden is in dergelijke processen steeds meer loslaten. Echte innovatie laat zich niet afdwingen, die is vaak al gaande.”  

Als je alleen vraagt wie je kent, weet je van tevoren wat je krijgt.

ONAFHANKELIJKE PROCESCOACH

Onafhankelijkheid is in dit opzicht een belangrijk ding, vindt Kemmeren. “Je moet natuurlijk thuis zijn in de thema’s waar het over gaat, maar op de inhoud geen belang hebben. Wij focussen puur op het proces. Vanuit die rol maken we steeds de verbinding tussen belangen, spelers en domeinen. We hechten daarbij veel belang aan transparantie en consensus op het proces. Doen we het samen goed? Nemen we de juiste stappen, met de juiste spelers? Alleen als deelnemers een goed gevoel hebben over de manier waarop we het samen aanvliegen, ontstaat er vertrouwen en ruimte voor een open, inhoudelijke discussie. Zo bewaken we als onafhankelijke procescoach de kwaliteit van de route op weg naar de ambitie.”

TOEGEVOEGDE WAARDE

Voor Kemmeren betekent dat ook: zorgen dat kwetsbare groepen een stem krijgen in het verhaal. Volgens het SCP duidelijk de verantwoordelijkheid van de overheid, zoals blijkt uit het interview met Kim Putters, elders in dit magazine. Kemmeren: “Door krachten te bundelen rond maatschappelijke uitdagingen krijg je meer sociale veerkracht en kunnen we samen met veranderingen leren omgaan. Vanuit onze ervaring met het begeleiden van cocreatie en participatie kunnen wij initiatieven verder brengen en overheden helpen het meervoudig organiseren vorm te geven.”