Addy van Hemert bij kunstwerk Vincent van Gogh

2015 is het Vincent van Goghjaar. Een mooie aanleiding om de relatie tussen cultuur en toegankelijkheid te testen in de praktijk. We treden in de voetsporen van Van Gogh met een ‘special guest’: Addy van Hemert is ervaringsdeskundige én betrokken bij de provinciale inzet op cultuur. Toegankelijke cultuur is voor hem meer dan het verbreden van de aandacht van ’de elite’ naar eenieder, het gaat ook gewoon om drempelloos genieten. Een lachende Van Hemert ontvangt ons op de 17e verdieping van het provinciehuis in ‘s-Hertogenbosch. “Kom binnen en kijk meteen weer naar buiten, heel Brabant ligt aan mijn voeten.” Hij heeft zojuist een projectvoorstel afgerond dat raakt aan de vrijetijdseconomie, een ander thema dat ons beider aandacht heeft.

Zonder beperking door het provinciehuis

De tocht door het provinciehuis verloopt praktisch zonder drempels. Vanaf de aangepaste werkplek op de zevende etage wordt de lift genomen naar het restaurant. De snelle lift brengt ons bij een klaphekje met een strak rood kruis. Met het opleggen van zijn kaart kan hij de passage maken. Dat gaat iets te langzaam waardoor het hek met een klap tegen de hoepels van de rolstoel kletst. “Ach, er gaat niks kapot. Lastiger vind ik het dat alleen hier beneden een aangepast toilet is. Als ik een meeting op de 17e verdieping heb, moet ik daar wel goed rekening mee houden!” Via de ’invalideningang’ rolt Van Hemert naar zijn persoonlijke parkeerplaats met opnieuw een bordje Invaliden Algemeen.
“Tja, dat is de wet van de remmende voorsprong. Bij de opening van dit gebouw zijn alle voorzieningen aangebracht en dan blijven die oude bordjes hangen. Misschien goed dat Zet daar nog eens naar kijkt.” Inmiddels is de rolstoel achterin gezet, met enige moeite de TomTom geïnstalleerd en gaan we op weg naar Nuenen. Het rijden in de aangepaste Renault Kangoo gaat probleemloos. Lastiger wordt het als Nuenen bereikt is. In de omgeving van het Vincentre zijn geen geschikte parkeerplaatsen te vinden. Dan maar dik honderd meter verderop neergezet bij de huisartsenpost. Via een reuzenslalom door het centrum bereiken we ons doel.

Addy van Hemert en Wouter Schelvis

Steeds meer bezoekers met een handicap

Het Vincentre is gevestigd in het voormalige gemeentehuis van Nuenen. Dat was het in de tijd dat Van Gogh hier woonde en werkte, tussen 1883 en 1885. Het oude gebouw lijkt ons op het eerste gezicht te weigeren. De entreedeur is erg smal, maar binnen twee tellen wordt door een vrijwilliger van het museum de andere helft van de deur opengemaakt. “Kom binnen, welkom”, precies de tekst die iedere bezoeker graag hoort. Ook daarna is de bejegening aangenaam, zonder dat er sprake is van overdreven gedrag of windowdressing. Nee, iedere gast, lopend of rollend is even welkom in dit indrukwekkende museum.

“Cultuur moet voor iedereen toegankelijk zijn”

Yvonne van der Ham, een van de ruim 200 vrijwilligers, geeft aan dat het wel veel voeten in de aarde heeft gehad om een lift in het pand te krijgen. “Dat was natuurlijk best een zware investering, maar we zijn dolblij dat nu iedereen ook de bovenste twee verdiepingen kan bezoeken.” Ze vertelt dat er jaarlijks ruim 20.000 bezoekers komen, waaronder steeds meer ouderen en mensen met een handicap. Dat worden er in het Van Goghjaar zeker meer. “Hiervan profiteert de hele gemeenschap. Mensen komen bijvoorbeeld vanaf de boot van de Zonnebloem in Arnhem met bussen hier naar toe. Naast het bezoek aan ons museum wordt elders wat gegeten of een boodschap gedaan”, schetst zij de effecten van de vrijetijdseconomie.

man met krukken bij autobus

Meedenken in mogelijkheden voor toegankelijkheid

Met de lift wordt het hele museum ‘doorlopen‘, zonder noemenswaardige hobbels voor de rolstoel. Ook de bruikbaarheid van het museum is goed in orde. Alle te bedienen elementen zijn op de goede hoogte aangebracht. Diverse Ipads met Van Gogh Spelletjes en achtergrondinformatie voor zowel kinderen als hun ouders zijn goed te bedienen. Ook de filmzaal is drempelloos bereikbaar. We gaan letterlijk via de op de vloer aangebrachte voetsporen van Vincent van Gogh door het museum. “Geweldig” is de meest opgevangen reactie van Van Hemert bij zijn drempelloze rondgang. Wij kijken vandaag mee vanuit zijn rolstoelperspectief, maar het museum heeft ook aandacht voor mensen met andere beperkingen.

“Niet de beperking maar de beleving staat voorop”

Van der Ham licht toe: “Er komen relatief veel mensen uit verzorgingshuizen. Met name mensen met dementie waarderen de aparte rondleidingen die wij verzorgen. Onze vrijwilligers zijn hiervoor extra geschoold. Kunnen mensen écht niet naar ons toe komen, dan brengen we zelfs replica’s van de kunstuitingen van hieruit naar de zorginstellingen.” Na een uitgebreid bezoek ronden we onze ‘scan’ af in het horecagedeelte. Hier ligt achter het winkeltje de toiletgroep. Vanzelfsprekend werpen we ook hier even een blik op mogelijk aanpas-singen. De website meldde daar niets over. Prettig is dan ook de verrassing dat er bij de ’dames’ een tweede stickertje op de deur prijkt met een rolstoel. Het blijkt een prima voor iedereen te gebruiken toilet.

Van Hemert, op de terugweg naar ’s-Hertogenbosch: “Mooi om te ervaren dat het in Brabant steeds meer heel gewoon wordt gevonden dat iedereen overal aan mee kan doen. Ik werk al bijna 26 jaar bij de provincie en ben zowel beroepsmatig als privé bezig met ’participatie‘. Gelukkig is daar de laatste jaren echt meer aandacht voor. We hebben zeker nog het nodige te doen, maar er zit absoluut schot in de zaak.”

Tip van het ‘testteam’, ook voor andere instellingen: maak je voorzieningen zichtbaar, ook in de communicatieuitingen. Niet zozeer om jezelf een pluim op de hoed te steken, maar vooral om te zorgen dat bezoekers zich vooraf kunnen oriënteren op voorzieningen die ze nodig hebben.