We leven in een tijd waarin de ene techniek na de andere in no time ons privédomein binnenkomt. Bijna iedereen heeft een smartphone of tablet waarmee we nu gemakkelijk zelf van alles regelen: los van tijd en plaats. Maar als die techniek e-health heet, dan klinken er nog steeds allerlei bezwaren. En vaak zijn het niet de zorgvragers die het tegenhouden, maar ligt de weerstand bij zorgprofessionals. Toch lijkt de digitale revolutie in de gezondheidszorg niet meer te stoppen. E-health kan helpen de zorg betaalbaar te houden en mensen langer vitaal en zelfredzaam thuis te laten wonen.

Kloof tussen e-health en traditionele patiëntenzorg

Maar hoe komt het dan dat er nog steeds een grote kloof bestaat tussen e-health-technologie en traditionele patiëntenzorg? Zorgvragers blijken vaak onbekend te zijn met de mogelijkheden van e-health en hulpverleners zijn huiverig in het toepassen van e-health, omdat zij denken dat de zorg daarmee onpersoonlijk wordt. Ook zijn er veel sceptici die zich afvragen hoe betrouwbaar de digitale middelen zijn en wat de privacyrisico’s zijn. Door de enorme toename van mogelijkheden om data te genereren, delen, combineren en analyseren heerst de angst dat deze ‘big data’ in verkeerde handen terecht komen.

Zo kent het EPD (elektronisch patiëntendossier) behoorlijk wat tegen-standers, die bang zijn voor misbruik van persoonlijke medische gegevens door bijvoorbeeld zorgverzekeraars of media. Ook moeten we waakzaam zijn dat er geen tweedeling ontstaat tussen kapitaalkrachtige hoogopgeleide mensen die wel toegang hebben tot e-health en kwetsbare mensen die minder goed in staat zijn de nieuwe middelen aan te schaffen en te gebruiken.

Van moeten naar willen

Jeroen van der Heijden stipt nog een ander probleem aan, als commercieel directeur van Focus Cura, een snelgroeiend Nederlands bedrijf dat technische innovaties ontwikkelt:

“Producenten hebben zich lange tijd onvoldoende gerealiseerd dat zorgvragers en zorgprofessionals net zo goed consumenten zijn. Mensen gaan e-health pas gebruiken als ze dat willen en niet omdat ze moeten. Dat komt onder andere omdat het beeld van e-health berust op een groot zorggehalte. Terwijl veel nieuwe apps niet alleen helpen bij het oplossen van gezondheidsproblemen, maar ook het reilen en zeilen van het dagelijkse leven gemakkelijker maken.”

Hij merkt tevens op dat er jarenlang is gefocust op het bereiken van de zorgvrager, terwijl juist de zorgprofessional de sleutel is tot het gebruik van e-health.

“Die kan vanuit het warme contact e-health als mogelijke oplossing bespreekbaar maken maar ook zorgvragers en hun mantelzorgers een duidelijke instructie geven over het gebruik. Lastig is wel dat sommige zorgprofessionals e-health nog als bedreiging zien, voor hun baan of het menselijke aspect in de zorg.” Daarom is het volgens Van der Heijden belangrijk de zorgprofessionals beter te informeren over de voordelen van e-health en ze te trainen op hoe ze deze tools kunnen inzetten naast de ‘warme’ zorg.

Bewustwording noodzakelijk voor langer thuis wonen

De komende jaren sluiten veel psychiatrische instellingen, verzorgings- en verpleeghuizen de deuren en de trend van langer thuis wonen zet sterk door. Het is dan ook belangrijk het proces van zorgvernieuwing en het gebruik van e-health te versnellen.

Staatssecretaris van Rijn wil dat binnen vier jaar 80% van de chronisch zieken is aangesloten op e-health (zie kader).

Bewustwording is volgens Zet één van de randvoorwaarden om tot die versnelling te komen. Want naast het gegeven dat mensen niet bewust zijn van het bestaan van oplossingen zoals e-health, is de burger zich ook niet ten volle bewust van zijn eigen verantwoordelijkheid. Waren zorgvragers voorheen patiënten, nu groeien ze meer en meer naar de rol van klant, die als zorgconsument zelf op zoek gaat naar de oplossing die het beste bij hem of haar past.

Binnen haar programma ‘Vitaal en zelfredzaam blijven’ voert Zet in 2015 in samenwerking met o.a. de provincie Noord-Brabant een bewustwordingstour uit om mensen kennis te laten maken met de mogelijkheden, voordelen en het gemak van nieuwe technieken. Daarnaast organiseert Zet bijeenkomsten om initiatieven die zorgtechnologie en eindgebruikers koppelen van elkaar te laten leren. Belangrijke spelers zoals ondernemers, overheids- en kennisinstellingen delen zo hun kennis en ervaringen om samen te zorgen dat meer mensen e-health gaan accepteren en gebruiken.

 

Trends op het gebied van e-health

Wearables

Nieuwste trend zijn wearables, oftewel gadgets die je op het lichaam kunt dragen. Bijvoorbeeld de Smartwatch of Googleglass. Wearables maken het monitoren van mensen op afstand mogelijk, waardoor mensen langer thuis kunnen wonen of eerder naar huis kunnen na een behandeling in het ziekenhuis. Daarnaast maken wearables vroege signalering mogelijk, omdat patronen in data kunnen worden herkend en geanalyseerd.

Robotica

In de gezondheidszorg zijn steeds vaker robots te vinden. Ze bewijzen hun nut niet alleen bij dagelijkse behandelingen, bij operaties, maar er zijn ook al sociale robots die ingezet worden bij de bestrijding van eenzaamheid onder ouderen. Bekend voorbeeld is het robotzeehondje Paro dat reageert op stemmen en aanrakingen.

E-health doelstellingen VWS voor 2019:

  • Van de chronisch zieken heeft 80% direct toegang tot bepaalde medische gegevens, waaronder medicatie-informatie, vitale functies en testuitslagen, en kan deze desgewenst gebruiken in mobiele apps of internetapplicaties. Van de overige Nederlanders betreft dit 40%.
  • Van de chronisch zieken (diabetes, COPD) en kwetsbare ouderen kan 75%, die dit wil en hiertoe in staat is, binnen 5 jaar zelfstandig metingen uitvoeren, veelal in combinatie met gegevensmonitoring op afstand door de zorgverlener.
  • Binnen 5 jaar heeft iedereen die zorg en ondersteuning thuis ontvangt de mogelijkheid om - desgewenst - via een beeldscherm 24 uur per dag met een zorgverlener te communiceren. Naast beeldschermzorg wordt hierbij ook domotica ingezet. Dit draagt eraan bij dat mensen langer veilig thuis kunnen wonen.


Bron: VWS