Deze verrassende uitspraak deed een energie-expert waarmee ik samenwerk binnen het project Energie Voor Iedereen. In deze pilot proberen we de energietransitie toegankelijk te maken voor mensen met een smalle beurs. We kijken daarbij niet alleen hoe we mensen bereid kunnen vinden hun huis te verduurzamen, maar ook wat daarvoor nodig is. De energietransitie wordt vaak heel technisch aangevlogen. Het gaat over isolatiewaarden en technologie zoals zonnepanelen en warmtepompen. Maar dit zijn, zo hebben we gemerkt, niet echt termen waar bewoners op aan slaan. Die hebben het zelf over vocht, tocht en kou.

Geen interview maar een open gesprek

Taal kan dus cruciaal zijn of iemand open staat voor een gesprek. Samen met die energie-expert hebben we zogenaamde keukentafelgesprekken gevoerd met acht particulieren in een wijk die gerenoveerd wordt door de woningcorporatie. Hij noemde dit ‘interviews’, terwijl het voor mij echt kennismakingsgesprekken waren. Dit met het oog op de relatie die je opbouwt met deze mensen, waar je toch al snel een jaar mee in contact bent. Door die andere insteek, heb je ook een ander gesprek: geen vragenlijst afvinken, maar open en geïnteresseerd het gesprek in gaan waardoor je de wensen en behoeften goed in beeld krijgt. Zo kom je te weten wat er bij de mensen thuis en in de wijk leeft en speelt.

Het bewonersperspectief centraal

De energie-expert had het over het ‘verleiden’ van de bewoners om mee te doen aan de renovatie en daarmee verduurzaming van hun woning. Ik associeer dat met de ander iets laten doen wat jij graag wilt. Voor mij is intrinsieke motivatie het sleutelbegrip. Als je goed luistert naar wat de mensen willen en vanuit dat bewonersperspectief naar de renovatie-opgave kijkt, dan kun je de haakjes vinden waar mensen op aanslaan. Door dakisolatie is er minder tocht in huis en verbetert het wooncomfort, terwijl je ook nog eens op je energiekosten bespaart. Dat zijn oplossingen waar mensen graag over horen en in meedenken.

Een van de lessen uit ons Evi-project is dan ook: probeer de energietransitie te laten aansluiten op de belevingswereld en daarmee ook het taalgebruik van de bewoners. Bij mensen met een smalle beurs is de kans ook groter dat taalachterstand of laaggeletterdheid een rol speelt, waardoor visualiseren een hulpmiddel kan zijn.

Cindy van den Bremen,

Programmamanager social design bij Zet

Lees ook het interview over deze samenwerking met Cindy en projectmanager Nicolaas Veltman in Zorg + Welzijn: “Ons gebruik van taal levert soms spanning op”