"Op zoek naar experimenten die leiden tot maatschappelijke meerwaarde voor hetzelfde geld"

Interview Christophe van der Maat, Gedeputeerde Mobiliteit & Samenwerking provincie Noord-Brabant

Tekst: Miek van Dongen, adviseur Zet

Interview Zet Christophe van der Maat
Christophe van der Maat

De laatste jaren is de verbinding tussen mobiliteit en leefbaarheid steeds sterker; burgers en maatschappelijke organisaties geven aan dat het voor de sociale veerkracht van mensen nodig is dat er meer mobiliteit op maat is. Zet voert op dit vlak veel adviestrajecten uit en ervaart in de praktijk dat mensen zich zorgen maken over de toekomst. Omdat de provincie een belangrijke speler is op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid, ga ik als programmacoördinator Bereikbare Regio’s bij Zet, graag in gesprek met gedeputeerde Christophe van der Maat om te horen hoe hij naar de ontwikkelingen kijkt en wat zijn visie op de toekomst is. Zijn de zorgen van mensen in dorpen en wijken terecht?

Als ik bij zijn werkkamer aankom, geeft gedeputeerde Christophe van der Maat met een joviaal gebaar aan dat het interviewgesprek aan de ronde tafel plaatsvindt en in dezelfde beweging start hij zijn verhaal. Hij laat er geen gras over groeien en gebruikt zijn tijd graag goed. Gedurende dit gesprek blijkt dat dit geen eenmalige gebeurtenis is; het kenmerkt zijn inzet, deze gedrevenheid is zijn tweede natuur.

Op mijn vraag hoe hij terugkijkt op zijn eerste jaar als gedeputeerde, zoomt Van der Maat in op zijn achtergrond als verantwoordelijk directeur van de gemeente Roosendaal voor de decentralisaties in het sociale domein. Om deze transities in goede banen te leiden benoemt Van der Maat een drietal veranderprincipes die van groot belang zijn voor het resultaat: hoe zorg je dat arbeid bijdraagt aan het bestaan, hoe kunnen mensen langer gezond en zelfstandig thuis wonen en hoe kunnen sociale netwerken en techniek aan onder andere de overheid een nieuw pallet aan mogelijkheden bieden. Van der Maat: “Ik zie dat deze veranderprincipes eigenlijk net zo hard voor mobiliteit van toepassing zijn. Het gaat erom dat we met elkaar werken aan een adequate dienstverlening zodat elke belastingeuro een maximale waarde oplevert. Of het nu gaat om domotica of smart mobility; we zijn op zoek naar innovaties en verbeteringen die leiden tot meer maatschappelijke waarde voor hetzelfde geld”.

Slimme mobiliteit is maatwerk

Een van de eerste ‘daden‘ na de benoeming van de Gedeputeerde Staten is het formuleren van een bestuursakkoord. Van der Maat schetst daarin zijn visie op het domein mobiliteit en daaraan gekoppeld de gewenste resultaten. Tijdens het symposium ‘Slimme mobiliteit is maatwerk’ op22 oktober jl. in het provinciehuis, verwoordde hij deze visie met verve. Samen met zijn collega Henri Swinkels riep hij gemeenten, vervoerders, maatschappelijke organisaties en vooral ook burgers op de samenwerking te zoeken en de muren tussen de doelgroepen en domeinen te slechten. Christophe van der Maat liet toen al een krachtig pleidooi horen voor het aangaan van innovaties en experimenten. Er is zo veel mogelijk, zeker technisch ligt er een wereld aan mogelijkheden te wachten op nieuwe toepassingen.

Vol overtuiging voegt hij daar aan toe dat juist samenwerking het mogelijk maakt hulpbronnen in te zetten om tot een betere samenleving te komen. Dit proces kan en wil de provincie zeker stimuleren.

"Het is een spannend tijdvak waar we nu in zitten"

Ik ben benieuwd of de gedeputeerde ziet dat de samenwerking in regio’s en gemeenten vorm krijgt en dat men met elkaar aan de slag is met mobiliteitsexperimenten.

Van der Maat geeft aan verheugd te zijn met de zeer innovatieve concessie voor Openbaar vervoer in Zuidoost-Brabant voor de komende tien jaar. “Da’s prachtig natuurlijk, maar ja, we moeten ons wel realiseren dat we echt niet kunnen overzien hoe de wereld er over tien jaar uitziet. Ik zie dat ontwikkelingen als het delen van auto’s, zelfrijdende auto’s, duurzamere auto’s, evenals andere modaliteiten als de fiets een enorme vlucht doormaken. Dat kan ook niet anders, je merkt dat mensen op de meest betaalbare, snelle, duurzame en veilige manier van A naar B willen. De techniek biedt daarvoor zoveel mogelijkheden. De verschillende autoriteiten werken hierin allemaal aan hun taak; ze denken vanuit hun eigen vakgebied, hun eigen doelgroepen met hun eigen perspectief. Leerlingenvervoer, vervoer dagbesteding, de trein, de bus en buurtbus, enz. We staan in Nederland, volgens mij, voor de opgave om na te denken over hoe we eigenlijk als één orgaan de beste mobiliteitsondersteuning kunnen bieden en welke rol heb je daarbij als overheid.

Nu, na een jaar werken als gedeputeerde Mobiliteit, zie ik de noodzaak dat we dit onderwerp nog veel steviger moeten agenderen. We zullen echt naar een ander systeem moeten. Ik ben er van overtuigd dat we door het anders te organiseren we zo veel meer aan de Brabander kunnen leveren dan we nu doen. Het is wel een spannend tijdvak waar we nu in zitten.”

Kernwaarden als basis voor vervoer voor iedereen

Als ik Van der Maat vraag hoe deze grote agenda zich verhoudt tot de kleinschalige mobiliteit van mensen in kernen en dorpen, geeft hij aan dat deze zeker niet ondergesneeuwd mag raken. Want deze mobiliteit is belangrijk omdat iedereen dan mee kan doen in de samenleving; voor een oma die de voetbalwedstrijd van haar kleinkind wil meemaken, omdat je naar je werk wilt of naar de stad om te shoppen.

Om de visie van de provincie te onderstrepen grijpt hij terug op de OV-visie uit 2012. We schetsen daarin drie kernwaarden voor het openbaar vervoer: Vraaggericht, verbindend en verantwoord vervoer. De invulling van deze kernwaarden verandert in de loop van de jaren, ontwikkelingen vragen hierom.

Van der maat licht dat graag toe: “Op het symposium van oktober 2015 hebben we met het gehele netwerk op het gebied van mobiliteit gedeeld dat we voor een duurzaam systeem in de toekomst over de grenzen van de eigen toko’s heen moeten kijken; dat vraagt intensief samenwerken en verbindingen leggen. We redeneren nog vanuit de bestaande systemen en de vraag is hoe we de versnelling er in houden om het geheel goed door te ontwikkelen. Dat is nodig, want vraaggericht, verbindend en verantwoord vervoer in de toekomst betekent aansluiten bij de vraag van mensen om van A naar B te reizen op de meest snelle, veilige en goedkope manier. Verbindend gaat ook over samenwerking tussen de concessiegebieden, zodat de lijnen goed doorlopen in een ander gebied zodat de reiziger daar geen last van heeft.”

Omschakelen naar een toekomstig scenario

Nu de drie concessies zijn gegund, twee aan Arriva en een aan Hermes, kunnen zij gaan bekijken hoe het gebied het beste bediend kan worden. De vervoerder doet dit in afstemming met de gemeenten om zo het beste vervoer in het gebied te regelen. Van der Maat ziet dat er inmiddels de nodige buurtbussen rijden. “Dat zijn prachtige voorbeelden van sociale kracht en maatschappelijke waarde, gecreëerd door vrijwilligers, chauffeurs die zich betrokken voelen en zich inzetten voor de samenleving. Maar het kan nog verder. Ook buiten het bestaande systeem. Daarom heeft de provincie budget voor mobiliteit op maat gereserveerd om innovaties te realiseren die binnen de concessies niet mogelijk zijn. Het kan immers zijn dat een nieuw idee niet direct een hogere dekkingsgraad of meer opbrengst voor de vervoerder oplevert, maar wel een goede vervoerswaarde voor mensen creëert”. Hij somt vlot allerlei voorbeelden op als een behoeften-app, goedkoop vervoer voor dagbesteding samen met de gemeente, buurtbus 2.0 met een eigen verdienmodel, concepten voor autodelen, enz. Voorbeelden die inspireren en echt tot nieuwe vervoersmogelijkheden leiden, op hele kleine schaal, voor dorpen en kernen, maar zeker ook voor wijken in meer stedelijk gebied.

Een mobiliteitsnetwerk voor duurzame oplossingen

In zijn visie moeten we komen tot een soort mobiliteitsnetwerk waarbij beschikbaarheid, betaalbaar, veiligheid en dergelijke op een slimme manier bij elkaar komen. De data voor vraag en aanbod kunnen dit proces enorm versnellen en tevens koppelingen leggen met andere domeinen. Goede pilots waarin de dynamiek tussen mensen, organisaties en bedrijven nieuwe vormen aanneemt en zeker ook breed en beter benut wordt dankzij de beschikbare data. Dit schept kansen voor een hogere dekkingsgraad (geen lege auto’s of bus op de terugweg) en ook voor lagere tarieven (benutten van wat er rijdt). Van der Maat voegt daar direct aan toe:” Natuurlijk blijf je tijdens deze experimenten kijken naar de behoeften van specifieke doelgroepen, want ook ‘tijdens de verbouwing’ moet alles goed blijven draaien!”

Aan alles is te zien dat de gedeputeerde enorm veel zin heeft samen met Brabantse partijen de samenleving vooruit te helpen met toekomstgerichte vervoersvoorzieningen. Voorsorteren en goed schakelen met de ervaringen vanuit de concessies. Mouwen opstropen en aan de slag! Het kan hem niet snel genoeg gaan.

Veerkracht mensen in samenleving

Daarom benadrukt Van der Maat nogmaals: “Sociale veerkracht en mobiliteit gaan de komende jaren hand in hand. Mobiliteit biedt immers een kans aan mensen om te participeren in de samenleving. Er is ook meer veerkracht als mensen goed mobiel kunnen zijn. Je moet gewoon overal kunnen komen, dat is voor alle domeinen van belang. De spiraal gaat dubbel omhoog als we de samenleving veerkrachtiger maken en visa versa, daardoor wordt de samenleving ook veel veerkrachtiger. Dat mechanisme hebben we nu nog onvoldoende te pakken. Dat kan echt beter! Dat betekent: niet alleen praten, maar vooral ook samen gaan doen, uitproberen met verschillende partijen; onderwijs, jongeren, organisaties voor ouderen, voor de wijk, techniek, enzovoorts. Mobiliteit gaat dus niet over het vullen van de bus, maar vooral over de mobiliteitsvraag van mensen: ik wil van A naar B en wat rijdt er waarmee ik mijn bestemming kan bereiken. Er zijn zoveel nieuwe mogelijkheden die een versterking van Brabant over de volle breedte kunnen betekenen”.

Experimenten dragen de toekomst in zich

Wat de gedeputeerde betreft, wordt niemand buitengesloten om aan de experimenten mee te doen, ook niet de huidige concessie. “Als we niet star vasthouden aan de huidige bestaande systemen, maar samen aan de slag gaan met het ontwikkelen van toekomstgerichte concepten voor mobiliteit, ontstaat er ruimte voor de toekomst. Open minded, niet naïef, maar gericht en gebruikmakend van de kracht van Brabant met een organiserend vermogen en een sterke vrijwilligersmentaliteit. Het vraagt ook lef om iets uit te proberen zonder dat aan alle strakke kaders uit ons huidige denken is voldaan. De sociale veerkracht-initiatieven die in de pen zitten dragen daar zeker aan bij, samen met scholen, bedrijven enzovoorts. Mobiliteit is niet enkel een overheidstaak, nee, het gaat om een gezamenlijke en wederkerige verantwoordelijkheid. Dat is wennen, maar met elkaar werken aan nieuwe concepten biedt zoveel kansen voor economische en sociale versterking. De provincie wil daar nauw bij betrokken zijn, dat proces faciliteren en waar nodig het stroomlijnen met andere domeinen.”

En met breed gebaar nodigt Christophe van der Maat alle partijen uit om gehoor te geven aan zijn hartenkreet: “Ja, laten we vooral samen met gebruikers, organisaties, bedrijven en overheid op weg gaan. Op naar het nieuwe mobiliteitsdenken en doen, waarbij we niet het huidige systeem centraal stellen, maar gezamenlijk op zoek gaan naar een maximale mobiliteitswaarde. Zo kunnen we met elkaar een maatschappelijke meerwaarde leveren voor een duurzaam en sterk Brabant”.